Expertisecentrum Prader-Willi syndroom

Expertisecentrum Prader-Willi syndroom logoExpertisecentrum Prader-Willi syndroom logo en titel

Genetica van PWS bij volwassenen

Laatst herzien op 27 mei 2021
Trefwoorden:
Leeftijd:

Karlijn Pellikaan, onderzoeker Erasmus MC, bestudeert casussen van volwassenen met PWS en hun kenmerken om meer inzicht te krijgen in welke genen bijdragen aan welke kenmerken van het syndroom.

Op dit moment wordt gedacht dat Prader-Willi syndroom wordt veroorzaakt door een probleem in meerdere genen. Het is onbekend welke genen zorgen voor welke kenmerken van Prader-Willi syndroom.

Daarom hebben wij een overzicht gemaakt van alle casus die zijn beschreven met kenmerken van Prader-Willi syndroom en een probleem in een van de genen die betrokken zijn bij Prader-Willi syndroom. Door kenmerken van verschillende patiënten te combineren, proberen we meer inzicht te krijgen in welke genen bijdragen aan welke kenmerken van het syndroom.

Daarnaast beschrijven wij zelf een vrouw met kenmerken van Prader-Willi syndroom en een unieke genetische achtergrond, namelijk een mutatie in maar één gen.

Verband tussen genotype / fenotype
Charlotte Wellink, studentonderzoeker Erasmus MC, legt uit hoe ze het verband tussen genetische afwijkingen en de kenmerken aan willen tonen. 

Prader-Willi syndroom (PWS) is een zeldzame genetische aandoening, die gekenmerkt wordt door verschillende problemen bij de ontwikkeling van kind tot volwassene. Vaak ontwikkelen mensen met PWS ook diverse hormonale problemen en psychische aandoeningen. De onderliggende genetische oorzaak voor PWS ligt in de “PWS regio” op chromosoom 15. De PWS-regio is een gebied waar allerlei verschillende genen in liggen. Je krijgt altijd twee kopieën van deze regio, één van je moeder en één van je vader. Omdat je lichaam maar één kopie nodig heeft, wordt normaal gesproken de kopie van je moeder ‘uit’ gezet en de kopie van je vader ‘aan’ gezet. Maar bij mensen met PWS gaat hier iets fout, waardoor de kopie van de vader niet goed werkt of soms zelfs helemaal afwezig is. Afhankelijk van de grootte van de fout, missen er een heleboel genen uit de PWS-regio of maar een paar genen. 

Omdat de PWS-regio zoveel genen bevat is het niet duidelijk welk gen er precies voor zorgt dat mensen met PWS hun specifieke klinische kenmerken (fenotype) hebben. Het is dus niet eenvoudig om een genotype-fenotype verband te vinden bij deze afwijkingen. Om dit te ontrafelen, zijn wij een onderzoek gestart naar de genetica van PWS. Voor dit onderzoek zijn wij eerst een uitgebreid overzicht aan het maken van de genetische afwijkingen die bekend zijn bij PWS en hun fenotype. In dit overzicht worden naast de bekende genetische afwijkingen en hun fenotype ook de meer zeldzame en onbekende afwijkingen opgenomen. Deze zeldzame en onbekende afwijkingen zijn vaak hele kleine defecten in de PWS-regio en worden daarom ook wel “microdeleties” genoemd. Het fenotype van mensen met microdeleties kan ons meer vertellen over het verband tussen de genen in de PWS-regio en het fenotype van mensen met PWS. Hierbij zullen we ook onderzoeken in hoeverre het hebben van andere zeldzame genetische syndromen naast PWS het fenotype beïnvloedt. Dit zou ons iets kunnen vertellen over de wisselwerking tussen verschillende genetische syndromen en PWS. 

Ten slotte zien we in het PWS expertisecentrum veel volwassenen met PWS. Naast de klassieke genetische afwijkingen hebben sommige van deze volwassenen ook microdeleties en specifieke andere genetische syndromen. Daarom zullen wij de genetische afwijkingen en klinische kenmerken van deze volwassenen analyseren om eventuele tot nu toe onbekende verbanden te vinden. Samen met het uitgebreide literatuuroverzicht zal dit meer duidelijkheid geven over de ingewikkelde genetische achtergrond van PWS. 

Overige artikelen

De MoTraP studie is in Nederland uitgevoerd bij jonge zuigelingen in de leeftijd van 0-2 jaar. Dit onderzoek betrof het promotie onderzoek van Linda Reus onder begeleiding van Prof.dr. Ria Nijhuis-van der Sanden (kinderfysiotherapeut en Hoogleraar Paramedische Wetenschappen) en Dr. Barto Otten, kinderendocrinoloog en Dr. Leo van Vlimmeren, kinderfysiotherapeut.

Sinds 2002 wordt in Nederland door Stichting Kind en Groei de Landelijke Groeihormoonstudie verricht voor kinderen met PWS. In 2012 is Elbrich Siemensma gepromoveerd op de studie Prader-Willi syndrome Adrenarche, gonadal function, cognition, psychosocial aspects and e­ffects of growth hormone treatment in children.

De studie “Gezond ouder worden met Prader-Willi syndroom” heeft van 2007 - 2011 plaatsgevonden aan het Gouverneur Kremers Centrum en de afdeling Klinische Genetica van het Maastricht Universitair Medisch Centrum. Het onderzoek had ten doel om de kenmerken van het Prader-Willi syndroom (PWS) op de volwassen leeftijd in kaart te brengen.

Sinds 2002 wordt in Nederland door Stichting Kind en Groei de Landelijke Groeihormoonstudie verricht voor kinderen met PWS. in 2009 is Roderick de Lind van Wijngaarden gepromoveerd op de studie Prader-Willi syndrome New perspectives and effects of growth hormone treatment in children.

Sinds 2002 wordt in Nederland door Stichting Kind en Groei de Landelijke Groeihormoonstudie verricht voor kinderen met PWS. In 2007 is Dederieke Festen gepromoveerd op de studie Prader-Willi syndrome Clinical aspects and effects of growth hormone treatment.

Dr. Laura de Graaff-Herder van het Erasmus MC vertelt over de internationale samenwerking op het gebied van  PWS.

Toon meer resultaten